Betere lezers? Anders meten!

Nederland Lekker Leesland

Het gaat niet goed in Nederland. We dalen op de Pisa-ranking. De groep laaggeletterden blijft stijgen en er ontstaat een lichte paniek als het gaat om onze economische positie als land. We maken ons zorgen. En terecht.

Wat opvallend is in deze hele discussie is dat wat we meten niet is verbonden aan wat we weten. Zo weten we vanuit vele onderzoeken dat leesmotivatie cruciaal is voor een goede leesontwikkeling. Maar leesmotivatie meten we niet. Hoe gek dat ook klinkt. Er is in dit land weinig tot geen beeld van ieders leesmotivatie. En dat terwijl het een bijzonder grote voorspellende factor is voor ‘een goede lezer’.

Het grootste probleem zit niet in wat we doen en weten, maar in wat we meten.

Waarom wordt scholen niet gevraagd welk percentage van de kinderen gemotiveerd is om te lezen en hoe ze dat monitoren? Wat ze doen als blijkt dat de motivatie bij een kind daalt? Waarom krijgt die leraar Nederlands niet als voornaamste opdracht ervoor te zorgen dat alle leerlingen betrokken zijn en van binnenuit gemotiveerd om te lezen? Dat ze lol hebben in het lezen van boeken, dat ze met elkaar praten over interessante teksten, dat ze zelf schrijvers zijn, dat ze leesclubs vormen, schrijvers interviewen, voorgelezen worden, voordragen uit eigen werk?

Zou dát niet de opdracht moeten zijn voor scholen? Zorgen dat ieder kind leest en wil blijven lezen? Wat een probleem zou er dan zijn opgelost.

Inmiddels is er veel relevant onderzoek op het gebied van lezen. In binnen- en buitenland. Duidelijk is in ieder geval dat goed lezen meer is dan het beheersen van de techniek. Meer dan in hoog tempo woorden ratelen. Meer dan kennis van de wereld en woordenschat. Meer dan het aanleren van bepaalde strategieën. Meer dan quizvragen bij een toets.


Conclusie is steeds dat leesmotivatie een belangrijke sleutel en graadmeter is voor succes. Voor een leven lang lezen in onze geletterde samenleving.

Het Leesoffensief (2019) is niet voor niets gebaseerd op drie aanbevelingen om een sterke infrastructuur voor leesmotivatie tot stand te brengen: 1. Voer een krachtig en samenhangend leesbeleid; 2. Zorg voor een rijk leesaanbod; 3. Breng een leescultuur tot stand.

Logische aanbevelingen. Want het is eigenlijk heel simpel. Lezen leer je door te lezen. En beter lezen leer je ook door meer te lezen. Ieder kind wil leren lezen. Leren lezen is een feest! Er gaat een wereld voor je open.

Waar gaat het dan mis? Aan de inzet van ‘het veld’ ligt het niet. De wil is er. De kennis is er. De vaardigheden van professionals worden versterkt. Onder andere door nieuwe inzichten en een meer effectieve aanpak van het lezen met begrip. En de ambities zijn hoog. Bovendien zijn er tal van mooie voorbeelden van een intensieve samenwerking tussen bijvoorbeeld onderwijs en bibliotheek in de vorm van bibliotheek op school.

 

Toch zal het tij pas keren als de manier waarop in het onderwijs leesopbrengsten worden gemeten wordt heroverwogen en bijgesteld. We gaan pas beter lezen als motivatie de graadmeter vormt. En dat vraagt om goed observeren. Om leesgesprekjes. Om nieuwe manieren van meten. En boven alles vraagt het om professionals die zelf zin hebben in lezen :-)